Meerwaardebelasting: waarom levensverzekeringen aan belang winnen
Sinds 1 januari 2026 is de nieuwe meerwaardebelasting op financiële activa van toepassing. De belasting bedraagt 10% op gerealiseerde meerwaarden en heeft gevolgen voor beleggers, spaarders en ondernemers die vermogen opbouwen via aandelen, fondsen, ETF’s en bepaalde levensverzekeringen.
Hoewel de invoering van deze belasting veel media-aandacht kreeg, is het door de complexiteit van de nieuwe regels niet altijd eenvoudig om het bos door de bomen te zien. Er zijn nochtans belangrijke nuances en opportuniteiten.
Zo is er ook goed nieuws. Verschillende vormen van fiscaal sparen blijven volledig buiten het toepassingsgebied van de nieuwe belasting en ook levensverzekeringen winnen aan belang binnen het nieuwe fiscale kader. Daardoor worden levensverzekeringen binnen een vermogensstrategie nog relevanter dan voorheen.
Wat houdt de meerwaardebelasting precies in?
De belasting bedraagt 10% op gerealiseerde meerwaarden die vanaf 1 januari 2026 worden opgebouwd.
Belangrijk is dat historische meerwaarden beschermd blijven. Voor bestaande beleggingen geldt de waarde op 31 december 2025 als referentiepunt. Enkel de meerwaarde die daarna wordt gerealiseerd, kan belast worden.
Daarnaast geniet iedere belastingplichtige van een jaarlijkse vrijstelling van € 10.000 aan gerealiseerde meerwaarden. Voor gehuwde koppels geldt deze vrijstelling per persoon.
Fiscaal sparen in levensverzekering blijft buiten schot
De meerwaardebelasting is van toepassing op verschillende financiële activa, waaronder:
- aandelen
- beleggingsfondsen
- ETF’s
- bepaalde levensverzekeringen (Tak 21, Tak 23 en Tak 44)
- fysiek goud
Maar niet alle producten vallen onder deze regeling. Zo blijven onder meer pensioensparen, langetermijnsparen, IPT, VAPZ, groepsverzekeringen en Tak 26-contracten buiten het toepassingsgebied.
Meer administratie voor beleggers
De nieuwe regeling brengt ook administratieve keuzes met zich mee.
Wie kiest voor een inhouding aan de bron (standaardkeuze, opt-in), laat de bank of verzekeraar de belasting onmiddellijk inhouden bij een opname (volledig of gedeeltelijk). De belegger betaalt de belasting in dat geval dus onmiddellijk, terwijl eventuele vrijstellingen of correcties in de praktijk ongeveer twee jaar later via de belastingaangifte worden verrekend.
Wie kiest voor opt-out, ontvangt het volledige bedrag en verwerkt het jaar erna zelf de gerealiseerde meer- en minwaarden in de belastingaangifte.
Voor veel beleggers wordt een goede opvolging van transacties, meerwaarden en minwaarden daardoor steeds belangrijker.
Levensverzekering versus Effectenrekening
De invoering van de meerwaardebelasting maakt het verschil tussen een effectenrekening en een levensverzekering duidelijker.
Bij een effectenrekening worden meerwaarden belast wanneer ze gerealiseerd worden. Daarnaast blijven ook andere fiscale lasten bestaan, zoals de beurstaks, de Reynderstaks en eventueel de jaarlijkse taks op effectenrekeningen.
Bij een beleggingsverzekering ligt dit anders.
Binnen een Tak 23-verzekering kunnen fondsen onderling worden gewisseld zonder dat dit aanleiding geeft tot een belastbaar moment. Je betaalt pas de meerwaardebelasting wanneer je effectief een afkoop doet of een uitkering ontvangt.
Dit biedt meer flexibiliteit voor wie op lange termijn vermogen wil opbouwen en zijn portefeuille regelmatig wil bijsturen.
Wat met gedeeltelijke opnames?
Een minder gekend voordeel van een beleggingsverzekering is de zogenaamde proportionele methode.
Wanneer je een gedeeltelijke opname doet, bestaat die opname niet volledig uit meerwaarde. Een deel wordt beschouwd als terugbetaling van kapitaal en een deel als meerwaarde.
Stel dat een beleggingsverzekering groeit van € 400.000 naar € 500.000. Wanneer je vervolgens € 100.000 opneemt, zal slechts een beperkt gedeelte daarvan (in dit geval € 20.000) als meerwaarde beschouwd worden.
Daardoor blijft het belastbare bedrag vaak aanzienlijk lager dan veel beleggers verwachten.

Vermijd dubbele belasting bij overlijden
Misschien wel het meest opvallende verschil tussen een levensverzekering en de effectenrekening situeert zich bij nalatenschapsplanning.
Bij overlijden wordt het uitgekeerde kapitaal van een levensverzekering niet onderworpen aan de meerwaardebelasting.
Dat maakt levensverzekeringen uniek binnen het huidige fiscale landschap. De aangeduide begunstigden ontvangen het kapitaal rechtstreeks, zonder belasting op de opgebouwde meerwaarden binnen het contract. Bij overlijden is er ook geen meerwaardebelasting op de effectenrekening zelf, maar gerealiseerde meerwaarden op de geërfde effecten kunnen later wel onder het toepassingsgebied van de meerwaardebelasting vallen.
Dit maakt dat een levensverzekering door de meerwaardebelasting aan belang wint voor wie vermogen fiscaal efficiënt wil doorgeven aan de volgende generatie. Ook los van successieplanning kan dit fiscale voordeel een extra argument zijn om te kiezen voor een levensverzekering.
Waarom professioneel advies belangrijker wordt
De nieuwe meerwaardebelasting verandert niet alleen de fiscaliteit van beleggingen, maar ook de manier waarop vermogen wordt opgebouwd, beheerd en doorgegeven.
Daarom wordt het steeds belangrijker om niet enkel naar rendement te kijken, maar ook naar:
- fiscale efficiëntie
- flexibiliteit
- vermogensbescherming
- successieplanning
- administratieve eenvoud
Een doordachte vermogensstrategie houdt rekening met al deze elementen en zorgt ervoor dat je vermogen optimaal kan blijven groeien binnen het nieuwe fiscale kader.
Wil je weten wat de meerwaardebelasting voor jou betekent?
De impact van de meerwaardebelasting verschilt sterk van persoon tot persoon. Je huidige portefeuille, beleggingshorizon en familiale situatie spelen daarbij een belangrijke rol.
Wil je weten welke impact de meerwaardebelasting heeft op jouw situatie, wat het belang is van een levensverzekering en welke mogelijkheden er vandaag zijn om fiscaal efficiënt vermogen op te bouwen? Neem gerust contact op met Garda Group voor een persoonlijk gesprek.